ti guarda dal Grande Inquisitor

Angelika Kirchschlager in Schwarzenberg [terug]

Opmerkingen ...

1

van Dirk Vandepitte <dirkvandepitte@...> op woensdag 5 september 2007 om 20:27

Ik ben gisteren Gurrelieder gaan zien en horen in het PSK. Het is op alle gebied een heel bijzonder werk. Eerst en vooral is het niet iets dat je van Schönberg zou verwachten, wegens te klassiek en te 19e eeuws. Het is dus iets wat Schönberg-sceptici zou moeten aantrekken. Eigenlijk is het naar vorm een reeks liederen, in 3 delen. In het eerste deel gaat het over de liefde tussen Waldemar en Tove, die na de moord op Tove slecht afloopt. In het korte tweede deel klaagt Waldemar tot God waarom hij dit heeft laten gebeuren, en in het derde deel de troepen van Waldemar erop uit om God te bestrijden uit woede om de dood van Tove.

In de programmering kondigt de Munt dit aan als een concert, maar het heeft dan wel een bijzondere vorm. Het is tegenwoordig in om projectie toe te voegen aan het spektakel. In het PSK is er een 2-voudige projectie : op een groot ovalen scherm boven de dirigent waarop de teksten worden geprojecteerd, en dan ook een totaal vullende projectie op het gehele plafond van de zaal, helemaal aangepast aan de Horta-vorm van de zaal. Dit alles zorgt voor een mooi visueel spektakel in de verder halfverduisterde zaal.

Nog meer bijzonder is de bezetting. Het orkest telt niet minder dan 145 man, met oa. 4 harpen, en het vult het grote podium helemaal tot aan de rand. Daarnaast zijn er 3 koren, waarvan de mannen niet alleen achter het orkest staan opgesteld, maar ook in de tribune ernaast/erboven. De vrouwen staan in de voorste delen van de zijbalkons.

Voor de vokale solisten is het zowaar onmogelijk om tegen dit orkestgeweld op te tornen. Voor Anne Schwanewilms (Tove) lukte dit alvast niet. Ik heb haar nauwelijks kunnen horen. Stephen Gould (Waldemar) heeft de grootste rol, maar die vond ik eerder afstandelijk en niet ingeleefd in een hartstochtelijke held die op zoek is naar zijn geliefde. De Waldtaube van Anna Larsson was wel erg goed en doorleefd. Jammer dat zij slechts 1 lied mag zingen.

Dit was meteen de entrée van Mark Wigglesworth als nieuwe dirigent. Daar waar Ono het vorig seizoen heeft afgesloten met een overdonderende 3e van Mahler heeft deze dirigent een muziekapparaat geleid dat de reeds erg ruime Mahleriaanse normen nog sterk overtreft.

Het was in elk geval een markante productie. De Caluwé mag nog van die dingen doen.

Dirk Vandepitte