Il Grand' Inquisitor

Thomas Quasthoff in Schwarzenberg

Dit jaar zal Thomas Quasthoff een hoofdrol spelen tijdens de Schubertiade Schwarzenberg. Hij zal niet minder dan drie liedrecitals zingen, waarvan één duo-recital met Michael Schade. Maar de volledige tweede week zal hij ook een "Meisterkurs" geven.

Zijn openingsrecital met Justus Zeyen aan de piano bestond uit zijn gekend repertoire van Schubert en Schumann en tussenin Mussorgsky als nieuwigheid. Drie van de vier Schubertliederen waren bekende Goethe-liederen zoals Der Sänger en An Schwager Kronos. Auf dem See was een vreemde keuze qua tessituur, die hoger leek dan normaal.

Mussorgsky's Liederen en dansen van de dood is een nieuwe toevoeging aan zijn repertoire. Het enige bezwaar dat ik hierbij had, is dat hij ze in een Duitse vertaling zong. In een lange uitleg, gekruid met een anekdote over de opnames van Shostakovitch 14de symfonie, vertelde hij dat zijn Russisch te slecht was en dat hij daarom beslist had om het in het Duits te zingen. Aan de ene kant is dat spijtig omdat daardoor de typische Russische kleuren van de taal verloren gaan. Als het op kleuren aankomt, beschikt Quasthoff uiteraard over een heel arsenaal waarmee hij dit allemaal kan compenseren. Het voordeel is wel dat het Duits een stuk eenvoudiger te begrijpen is en worden alle nuances van de dood die rondsluipt en overal levens plukt veel duidelijker. Ik blijf hierover een dubbel gevoel hebben, maar zijn vertolking is wel meeslepend.

Even aangrijpend was zijn klassieke vertolking van Schumanns Belsazar, waarbij zijn uitroep "Ich bin der König von Babylon" mijn nekhaar weer liet rechtstaan. De Heine-Liederkreis (Opus 24) sloot het recital af... gevolgd door nog drie bisnummers. Ik had verwacht dat hij ook Mussorgsky's "Floh-lied" nog eens zou zingen, maar hij bleef bij Schumann (Freisinn) en Schubert (Die Forelle en Ungeduld).

Publicatie: zondag 26 augustus 2007 @ 8:28
Rubriek: Liedrecital