Il Grand' Inquisitor

Tancredi in het PSK

Onder de vleugels van de Munt, stond er een tweede concertante opera op het programma in het PSK. Na I Puritani is het weer een belcantowerk, één van Rossini's eerste opera seria's, Tancredi, maar met het Orchestre des Champs-Elysées en de English Voices en onder de leiding van René Jacobs. Het is de apotheose van een tournee die hen doorheen heel Europa voerde, van Valencia tot Rotterdam, en van Keulen tot Parijs.

René Jacobs en Rossini... het klinkt als een contradictio in terminis. In een interview in het programmaboekje plaatst hij Rossini in de lijn van Mozart, wat mij een twijfelachtige stelling lijkt. Vooral met zijn uitlating over de heroïsche uitvoering van bepaalde Mozartrollen - "Stel je voor dat Domingo en Pavarotti Idomeneo zouden hebben gezongen. Dat zou er helemaal naast zijn geweest." - geeft hij weinig blijk van op de hoogte te zijn van wat er de afgelopen dertig jaar in de operawereld gebeurd is. Desalniettemin is zijn benadering altijd wel op zijn minst interessant te noemen. De manier waarop de recitatieven begeleid worden, is altijd verrassend, met lange intro's of speciale effecten die illustreren wat er gaat gebeuren en soms als de begeleiding van een stomme film klinken. Voor het overige was hij weinig begeesterend, waardoor ik voor de eerste Rossiniaanse opwinding moest wachten tot de finale van het eerste bedrijf.

In de keuze van de zangers voor Tancredi en Amenaide is duidelijk de hand van Jacobs te herkennen door deze twee hoofdrollen niet toe te wijzen aan traditionele Rossini-experten. In het geval van Rosemary Joshua is dit een onverdeeld succes. Haar Amenaide is heel karaktervol geïnterpreteerd door de meeslepende uitdrukking die ze aan haar constant verdriet geeft. Haar stem is nog altijd heel mooi homogeen en met veel kleuren.

Bernarda Fink druipt ook van de emotionele inleving, maar ik vond haar een minder geslaagde keuze voor Tancredi. Haar stem heeft wel gewonnen aan donkere diepte, wat ze heel mooi illustreerde in haar eerste aria "Tu che accendi questo core". Maar de aansluitende cabaletta "Di tanti palpiti" kon me niet overtuigen. Alhoewel het lot mij een plaats ver vooraan in de zaal toebedeeld had, had ik toch de indruk dat haar stem - zeker in de diepte - niet goed projecteert. Haar coloraturen klinken ook veel meer bestudeerd ondanks haar barokachtergrond. Ik veronderstel dat de zangmechanica wel vergelijkbaar is, maar barok en romantisch bel canto liggen klaarblijkelijk toch niet zo dicht bij elkaar, waardoor ze mij nooit echt kon ontroeren.

Lawrence Brownlee specialiseert zich wel in de Rossiniaanse tenorpartijen, vorig seizoen zong hij bijvoorbeeld nog mee in Viaggio in de Munt. Argirio ligt hem dan ook, alhoewel zijn stem soms ook klein klinkt en zijn hoge noten uit een ander register komen. Ik was daarentegen wel gewonnen voor Federico Sacchi, die een zeer resonante en presente Orbazzano zong. De kleinere rollen waren goed bezet met Elena Belfiore (Isaura) en Anna Chierichetti (Roggiero).

Publicatie: vrijdag 8 juni 2007 @ 22:27
Rubriek: Opera