Il Grand' Inquisitor

Dietrich Henschel in Brussel

Na zijn medewerking aan Muziek en Poëzie en zijn recital in Gent, is het de derde keer dat bariton Dietrich Henschel en zijn pianist Fritz Schwinghammer dit seizoen te horen waren in België... maar nu in de zaal van het Brusselse Conservatorium. Daar brachten ze hun bijdrage aan het Wolf-jaar met een volledig programma met liederen van Hugo Wolf.

illustratieHet recital was nog het best te vergelijken met dat in Gent omwille van een gelijkaardige intensiteit en doordachte interpretatie waarbij elk woord zijn belang gegeven wordt. Het enige verschil is dat hij zich blijkbaar heeft laten inspireren door de veel kleinere zaal van het Conservatorium om nog meer nuances en variatie ten toon te spreiden.

Bijvoorbeeld in het eerste lied, An eine Christblume I, laat hij zijn stem in de laatste strofe - als hij zingt over de elf die 's nachts ronddanst - mysterieus klinken en zweeft zijn stem door de zaal. Maar uitbarstingen van extase op het einde van het eerste deel van Auf einer Wanderung wisselen even gemakkelijk af met een strelend "Liebeshauch" op het einde van dat lied. De karakterisatie is perfect in Begegnung, het meisje koketterend en de "schöner Bursch" stoer, de zin "... die heute Nacht im offnen Stübchen ein Sturm in Unordnung gebracht" dubbelzinnig.

Na deze Mörike-liederen kwamen de Michelangelo-Lieder, Hugo Wolfs laatste liederen, die door Henschel weer uitmuntend gezongen werden. Zijn antwoord "ich weiß es nicht" op de vraag of het een klank is die hem tot tranen brengt, was doortrokken van wanhoop.

Hij eindigde met een reeks Goethe-liederen. Het probleem is dat ik veel van die gedichten associeer met de liederen van Schubert. En ik heb meestal het gevoel dat Wolf teveel moeite probeert te doen om toch maar iets anders te doen dan wat Schubert eerder gecomponeerd heeft. Hoe indrukwekkend Wolfs versie van Prometheus ook is, het laat me achter met het verlangen om Schuberts versie te horen. Maar dat gezegd zijnde, slaagde Dietrich Henschel er toch in om bijvoorbeeld met de drie Harfenspieler-Lieder me te laten vergeten dat dit eigenlijk Schuberts liederen zijn.

Het is pas met de gedichten die niet door Schubert getoonzet werden, zoals Anakreons Grab, of liederen die nauwelijks bekend zijn in de Schubertversie, zoals Der Rattenfänger, dat het beste in Wolf bovenkomt. Het feit dat Henschel een meester is in het vertellen van verhalen en zijn publiek kan meesleuren in dat verhaal, maakt van een lied als Der Rattenfänger een hoogtepunt.

Het publiek in het Conservatorium was na afloop - terecht - laaiend enthousiast en kreeg nog twee Mörike-Lieder extra te horen... Der Tambour en het geniale Storchenbotschaft.

Publicatie: maandag 31 maart 2003 @ 22:05
Rubriek: Liedrecital