Il Grand' Inquisitor

Les contes d'Hoffmann in Parijs

Zou er iemand zijn die de Carsen-productie van Les contes d'Hoffmann nog niet gezien heeft ? Gisteren zag ik ze voor de derde keer (de vorige keer was in 2007).

illustratie
Olympia, Hoffmann (foto © Guergana Damianova)

De globale teller staat ondertussen al op een verbluffende 73 voorstellingen sinds deze productie in 2000 in première ging. 't Is maar om te zeggen dat dit stilaan een legendarische en tijdloze enscenering geworden is.

Deze keer was Michael Fabiano de Hoffmann van dienst. Op puur vocaal vlak was hij een indrukwekkende Hoffmann met een mooie hoogte van stevige forte-noten tot een slanke voix-mixte. Desalniettemin had ik constant het gevoel dat er iets ontbrak. Alhoewel zijn Franse uitspraak goed is, leek het ritme van de taal niet helemaal juist waardoor het onnatuurlijk klonk. Het contrast met de expressieve tekstbeleving van Laurent Naouri als de vier duivels was opvallend. Af en toe waren er wel ouderdomsnoten te horen, zoals op het einde van "Scintille diamant".

In Parijs worden Hoffmanns geliefden door drie zangeressen vertolkt. "Onze" Jodie Devos stal de show met haar hilarische vertolking van Olympia zodat het dak eraf ging na haar aria. Ailyn Pérez was een degelijke Antonia, maar kon me niet echt ontroeren. In alles wat ze doet, blijft Véronique Gens de elegantie zelve, zo ook hier als een stijlvolle Giulietta.

Gaëlle Arquez was een fantastische Nicklausse met een grote en warme mezzo, die steeds donkerder begint te klinken. Philippe Talbot speelde de vier knechten met overtuiging, maar zijn zang-en-dans-aria had niet de impact die ik al van andere zangers gehoord heb. Bij de kleinere rollen moet ook de ongelooflijk sonore Crespel van Jean Teitgen vermeld worden.

Publicatie: zaterdag 15 februari 2020 @ 8:49
Rubriek: Opera