Il Grand' Inquisitor

James Gilchrist in Zeist

Op een festival is er vaak wel één of ander concert waar ik vooraf mijn bedenkingen bij heb. Op het LiedFestival Zeist was dat het geval voor het recital van James Gilchrist en Sholto Kynoch. Mijn verwachtingen werden spijtig genoeg bevestigd...

illustratie
foto © Patrick Allen

Het festivalthema "Schubert en zijn voorgangers" werd in dit geval ingevuld met ook een paar liederen van Reichardt en Zelter, naast Loewe en Schubert. Het waren tevens Goethe-liederen die veel bekender zijn in de versies van Schubert - zoals Erlkönig of Rastlose Liebe - of zelfs Hugo Wolf in het geval van Blumengruß. De piano blijft meestal op de achtergrond, maar het Zelter-lied Um Mitternacht heeft wel "iets".

De vorige keer dat ik James Gilchrist hoorde, was twee jaar geleden in Oxford, waar hij een zeer teleurstellende indruk maakte. Die indruk werd gisteren meer dan bevestigd. Hij zingt met talloze stemmen: de piano-versie draagt niet, de nasale versie is onverstaanbaar. Het is alsof je naar een blaasbalg staat te luisteren waar klanken met horten en stoten uitkomen. Voor een vrij grappige vertelling als Loewes Die wandelnde Glocke is het dodelijk als je maar een paar flarden kan opvangen. Enkel Der du von dem Himmel bist (ook Loewe) zong hij met een min of meer normale stem.

Om de inhoud van een lied toch wat plastischer te maken, doet hij constant gymnastiekoefeningen. Ian Bostridge is er niets bij. In Erlkönig (zowel in de versie van Reichardt als Loewe) beeldt hij alles uit: het kind dat hij tegen zijn borst drukt, het publiek dat hij als verteller met zwaaiende armen probeert te omarmen, de Erlkönig die het kind probeert te grijpen, ... Toen hij als laatste lied voor de pauze Der Musensohn zong en letterlijk over het podium begon te huppelen en te dansen, was mijn maat vol.

Publicatie: zaterdag 20 mei 2017 @ 9:42
Rubriek: Liedrecital